Saturday, October 29, 2011

"Fractioneel Bankieren" en "juridische kwalificatie"

Bij de recente post over "fractioneel bankieren"(1) verschenen en paar commentaren rond het onderwerp "kwalificatie van contracten". Immers, de critici van het fractioneel bankieren doen nogal veel moeite om gelden op spaarboekjes en zichtrekeningen als "bewaargeving" te kwalificeren. Dat betekent dat de bewaarnemer dezelfde voorwerpen ongebruikt moet teruggeven, en zo kan je "afleiden" dat het "fraude" is wanneer de bank de spaargelden intussen zelf voor eigen rekening uitleent.

En dus vond ik dat op mijn beurt alleen maar een verbaal manoeuvre, omdat ze nu eenmaal eerst ergens een naam aan geven, en vervolgens de "conclusie", die echter al op voorhand was bepaald, "afleiden" uit de "premissen", die echter alleen maar achteraf aan de "conclusie" worden aangepast.

Onnodig te zeggen dat de critici het daar niet erg mee eens waren! Voor mij illustreert dat dat het "manoeuvre" nogal cruciaal is voor de redenering, maar dit terzijde. Hoe dan ook, in dat kader verzekerde lezer Felix me dat het verschil tussen lening en bewaargeving echt wel juridisch relevant is, en dus niet zomaar een "verbaal manoeuvre".

En omdat ik dit een belangrijk onderwerp vind, en een commentaar bij een oude post nu eenmaal nog minder wordt gelezen dan een echte post, copiëer ik nu maar mijn reactie daarop hieronder...

---------------------------------
Zeer zeker is dat juridisch relevant. Het wordt pas "een verbaal rookgordijn" wanneer je het misbruikt om bijvoorbeeld een vooraf bepaalde "conclusie" te bereiken.

Zo is een uitwisseling van geld tegenover gebruik (e.a.) van onroerend goed een "verkoop" als de eigendom wordt overgedragen, maar (vermoedelijk) een "huur" als er geen eigendomsoverdracht is. De kwalificatie hangt af van wat de contractanten hebben afgesproken.

Op dezelfde manier is het overhandigen van iets om het later terug te krijgen misschien wel een bewaargeving. Het hangt af van wat de vrije contractanten hebben afgesproken. Een mantel in een vestiaire; een auto in een parking: de afgever wil duidelijk hetzelfde voorwerp terug.

Maar ikzelf (die durf suggereren dat ik wel degelijk weet wat er met mijn geld gebeurt) heb helemaal niet de bedoeling precies dezelfde geldstukken terug te krijgen wanneer ik geld op een spaarboekje zet, zoals ik niet verwacht hetzelfde ei terug te krijgen wanneer ik mijn buurman een ei uitleen.

Zeker is het best denkbaar dat geld afgeven om het later terug te krijgen wèl onder de vorm van "bewaargeving" verloopt. Als de klant geld (of iets anders) laat deponeren om later precies dezelfde geldstukken /voorwerpen terug te krijgen noemen we het meestal "kluis". Het is de ontvanger die ervoor betaald wordt, en dat suggereert "bewaargeving".

Maar met spaargeld is dat lang niet noodzakelijk mijn bedoeling; integendeel, zoals gesuggereerd door het feit dat het bijna altijd de spaarder (en niet de ontbangende bank) is die betaald wordt.

Natuurlijk, als één of andere instantie, praktisch noodzakelijk een overheid, beslist dat ik niet langer mag afspreken met mijn bankier wat ik wil, bijvoorbeeld omdat een individu (of een groepje individuen) denken beter te weten dan de totaliteit van al die vrije individuen wat ze "eigenlijk" aan het doen zijn, en hoe het "eigenlijk" moet gekwalificeerd worden, dan kan het best zijn dat ze het alternatief in het strafwetboek zetten, en dan is het ineens "misbruik" en "fraude".

(De kenner heeft in de bovenstaande paragraaf natuurlijk de echo van Friedrich Hayek zien staan.)

Maar zoals ik al zei, nog verder afdrijven van de liberale idealen dan dit soort betutteling en dit soort verbod op vrij ondernemerschap en dit verbod op vrij contracteren tussen de partijen: ik moet al serieus nadenken om er voorbeelden van te vinden. Heropvoedingskampen voor wie dat niet inziet lijkt me een kandidaat.

------------------------------
(1) http://speelsmaarserieus.blogspot.com/2011/10/weer-controverse-rond-fractioneel.html

0 comments:

Post a Comment